Gezondheidsadvies,Chinees Kruidentherapie, Acupunctuur, Acupressuur, Moxa, Cupping, Gua sha, Tui-Na therapeut,Alternatieve en Natuurgeneeskundetherapie.

Onvruchtbaarheid 

Infertiliteit
Er is sprake van infertiliteit als onomstotelijk is vastgesteld dat bij een (echt)paar één of beide partners niet in staat is om nakomelingen te krijgen. Zolang dat niet is vastgesteld, wordt gesproken van subfertiliteit, verminderde vruchtbaarheid.
In Nederland wordt de diagnose subfertiliteit vastgesteld als bij een (echt)paar:

  • de vrouw na 12 maanden van onbeschermde seks niet zwanger is
  • de vrouw niet in staat is een zwangerschap te voldragen, bijvoorbeeld door herhaalde miskramen

Primaire versus secundaire subfertiliteit
Primaire subfertiliteit is verminderde vruchtbaarheid terwijl er nog niet eerder een zwangerschap is geweest. Bij secundaire subfertiliteit is er al eerder een zwangerschap geweest.

  • Oorzaken

Een mens kan onvruchtbaar zijn door verschillende redenen. In naar schatting 30 procent van de gevallen ligt de oorzaak van vruchtbaarheidsproblemen bij de man (andrologische factor), in 30 procent van de gevallen bij de vrouw, en in 30 procent van de gevallen bij beiden. In 10 procent van de gevallen wordt de oorzaak nooit duidelijk, de idiopathische subfertiliteit, ofwel onbegrepen onvruchtbaarheid.

  • Onvruchtbaarheid bij de man

Bij de man wordt onvruchtbaarheid veroorzaakt door een tekort zijn aan goed gevormde zaadcellen in het sperma. Mogelijk zijn er te weinig zaadcellen (oligozoöspermie) of het sperma bevat helemaal geen zaadcellen (azoöspermie). Ook als er wel voldoende zaadcellen zijn, kan het zijn dat de kwaliteit van de zaadcellen te laag is. Een te lage kwaliteit kan liggen aan een verminderde beweeglijkheid van de zaadcellen (asthenozoöspermie), maar het kan ook zijn dat er te veel zaadcellen zijn met abnormale vorm (teratozoöspermie).
Onderliggende oorzaken van mannelijke onvruchtbaarheid kunnen zijn:
stoornissen in de aanmaak van zaadcellen, bijvoorbeeld door het volledig ontbreken van de teelballen
stoornissen in de lozing van zaadcellen, door gehele of gedeeltelijke afsluiting van de zaadleiders, bijvoorbeeld door sterilisatie
seksuele problemen
onbegrepen onvruchtbaarheid (idiopathische subfertiliteit)
Om vast te stellen of een man verminderd vruchtbaar is wordt meestal een semenanalyse gedaan. De semenanalyse is echter een van de slechtst gevalideerde testen in de gehele geneeskunde. Als men hetzelfde monster in verschillende laboratoria laat onderzoeken kan men geheel verschillende uitslagen krijgenTCM speelt ook een belangrijke rol bij Onvruchtbaarheid, Afvallen, Cosmetica, Groeiachterstand bij kinderen en Seksuele disfunctie.Ongunstige leefstijlfactoren

  • cafeïne: uit een onderzoek bleek dat het nemen van vier kopjes koffie per dag de vruchtbaarheid van de vrouw kan verminderen. Vrouwen die meer dan vier kopjes koffie, thee of andere drankjes met cafeïne (meer dan 300 mg cafeïne) dronken, hadden 26 procent minder kans op een zwangerschap. Cafeïne verslapt de spieren in de eileiders die de eicellen via knijpbewegingen door de eileiders voortduwen. Bij mannen heeft het gebruik van cafeïne geen nadelige effecten op de vruchtbaarheid.
  • alcohol en roken: alcohol heeft bij mannen een negatieve invloed op de spermakwaliteit. Zowel aantal zaadcellen als de kwaliteit ervan worden minder als een man drinkt. Dat effect treedt al op na gebruik van 5-10 porties alcohol bij één gelegenheid. Alcoholgebruik door een vrouw tijdens de zwangerschap kan ernstige consequenties hebben voor het ongeboren kind en kan leiden tot miskraam of aangeboren afwijkingen. Bij de vrouw kan het drinken van drie of meer alcoholische drankjes per week de kans op zwangerschap met een kwart verminderen. Het roken van meer dan één sigaret per dag vermindert de kans op zwangerschap met meer dan een derde.
  • medicatie en drugs kunnen negatieve effecten hebben, zoals verminderde zaadcelaanmaak, een geremde eisprong en zeer ernstige afwijkingen bij het ongeboren kind. Chemotherapie of salazopyrine kunnen het zaad ernstig verzwakken.
  • koorts van meer dan 38 °C heeft bij de man meestal een slechte invloed op de spermakwaliteit. Dit effect kan doorwerken tot drie maanden na de koortsperiode.
  • onder- en overgewicht bij de vrouw. Ondergewicht gaat vaak samen met een verstoorde menstruatiecyclus, doordat de eisprong geremd wordt. Overgewicht verlaagt ook de kans op zwangerschap. Het gaat vaak samen met een onregelmatige menstruatiecyclus, omdat de rijping van eiblaasjes en de eisprong verstoord worden. Ook als de menstruatiecyclus wel normaal is kan overgewicht leiden tot verstoorde vruchtbaarheid. Ook leidt overgewicht tot een verhoogde kans op een miskraam, op complicaties tijdens de zwangerschap zoals zwangerschapsdiabetes, op hoge bloeddruk en op zwangerschapsvergiftiging. Sommige klinieken beginnen geen vruchtbaarheidsbehandeling als de BMI van de vrouw hoger is dan 35. Er zijn zelfs behandelcentra die een behandeling weigeren bij een BMI van 32 of hoger, of zelfs 30 of hoger. Echter uit Schots onderzoek blijkt dat vrouwen met overgewicht evenveel kans hebben op een baby via IVF als vrouwen met een normaal gewicht.
  • soa's. Door sommige soa's kunnen eileiders en zaadleiders verstopt of verkleefd raken. Vooral na een doorgemaakte Chlamydia-infectie is er een groot risico dat de eileiders verstopt zijn.
  • Sport en stress: overmatig sporten en hoge stress kan negatief uitwerken op de vruchtbaarheid
  • werken met schadelijke stoffen of straling, bijvoorbeeld industriële chemicaliën, lood, verf en bestrijdingsmiddelen. Bij de man kunnen de zaadcellen beschadigd raken, wat de kans kan vergroten op aangeboren afwijkingen bij het kind. Bij de vrouw kunnen de eicellen beschadigd raken. Dit kan de kans vergroten op aangeboren afwijkingen, met name rond de bevruchting en in de weken erna.
  • continue verstoring van het dag- en nachtritme zoals bij ploegendiensten
  • langdurige deelname aan het verkeer, zoals internationale vrachtwagenchauffeurs, waardoor het scrotum niet op de juiste temperatuur kan worden gehouden

 

  1. Onvruchtbaarheid bij de man

Bij de man wordt onvruchtbaarheid veroorzaakt door een tekort zijn aan goed gevormde zaadcellen in het sperma. Mogelijk zijn er te weinig zaadcellen (oligozoöspermie) of het sperma bevat helemaal geen zaadcellen (azoöspermie). Ook als er wel voldoende zaadcellen zijn, kan het zijn dat de kwaliteit van de zaadcellen te laag is. Een te lage kwaliteit kan liggen aan een verminderde beweeglijkheid van de zaadcellen (asthenozoöspermie), maar het kan ook zijn dat er te veel zaadcellen zijn met abnormale vorm (teratozoöspermie).
Onderliggende oorzaken van mannelijke onvruchtbaarheid kunnen zijn:

  • stoornissen in de aanmaak van zaadcellen, bijvoorbeeld door het volledig ontbreken van de teelballen
  • stoornissen in de lozing van zaadcellen, door gehele of gedeeltelijke afsluiting van de zaadleiders, bijvoorbeeld door sterilisatie
  • seksuele problemen
  • onbegrepen onvruchtbaarheid (idiopathische subfertiliteit)

Om vast te stellen of een man verminderd vruchtbaar is wordt meestal een semenanalyse gedaan. De semenanalyse is echter een van de slechtst gevalideerde testen in de gehele geneeskunde. Als men hetzelfde monster in verschillende laboratoria laat onderzoeken kan men geheel verschillende uitslagen krijgen

2. Onvruchtbaarheid bij de vrouw
Een vrouw kan onvruchtbaar zijn door een impermeabel celmembraan bij de eicel of omdat er helemaal geen eicellen geproduceerd worden. De eierstokken kunnen ook helemaal ontbreken.
Bij een fertiliteitsprobleem kunnen de volgende vrouwelijke factoren een rol spelen:

  • stoornissen in de menstruele cyclus, dan wel anovulatie. Deze worden meestal veroorzaakt door een probleem in de hormoonhuishouding, bijvoorbeeld een te hoog prolactinegehalte (borstvoedingshormoon), een te hoge FSH-spiegel (ook bij vervroegde overgang), of een schildklierafwijking
  • PCO-syndroom: hierdoor is de rijping van eiblaasjes verstoord. Ook blijft de eisprong vaak uit waardoor er nauwelijks of geen menstruatie optreedt
  • vervroegde overgang, ook wel aangeduid als premature menopauze of prematuur ovarieel falen (POF)
  • verminderde eicelvoorraad (ovariële reserve) of eicelkwaliteit: vanaf 35 jaar begint de vruchtbaarheid bij de vrouw sterk af te nemen. De eierstokken verouderen, en het aantal en de kwaliteit van de eicellen loopt terug. De kwaliteit van de eicellen kan tot op zekere hoogte worden vastgesteld door het uitvoeren van een poollichaamonderzoek
  • afwijkingen in de eileiders (tubapathologie). De eileiders kunnen afgesloten zijn door sterilisatie, door verklevingen of door vergroeiing
  • woekeringen van het baarmoederslijmvlies (endometriose)
  • afwijkingen aan de baarmoeder zoals vleesbomen (myomen) of verklevingen (intra-uteriene synechie). Er vindt geen menstruatie meer plaats (amenorroe) en innesteling van een bevruchte eicel is vrijwel niet meer mogelijk. Vrouwen die een curettage hebben ondergaan, bij een miskraam, een abortus of een bevalling, kunnen daar in zeldzame gevallen het syndroom van Asherman aan overgehouden hebben
  • problemen met het baarmoederhalsslijm (cervixfactor). Soms kunnen zaadcellen niet door het baarmoederhalsslijm bewegen, waardoor ze de eicel niet bereiken. Dit probleem kan worden veroorzaakt door vijandig baarmoederhalsslijm (cervical hostility). Hierdoor is het baarmoederhalsslijm niet of slecht doordringbaar, bijvoorbeeld doordat er te weinig baarmoederhalsslijm is, of doordat de zuurgraad (pH) ervan te laag is
  • DES-dochters: tijdens de zwangerschap ontstonden soms afwijkingen bij de foetus, waardoor de vruchtbaarheid van deze zogeheten DES-dochters in zeldzame gevallen verminderd is. Omdat DES na 1977 niet meer is voorgeschreven is dit probleem langzaam aan het verdwijnen
  • seksuele problemen
  • onbegrepen onvruchtbaarheid (idiopathische subfertiliteit)

3. Onvruchtbaarheid bij wisselwerking tussen man en vrouw

  • verstoorde wisselwerking tussen zaadcellen en cervixslijm. Bij de man kunnen de zaadcellen antistoffen bevatten, waardoor ze samenklonteren in het cervixslijm. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen na een sterilisatie, infectie of trauma. Ook bij de vrouw kan een immunologische stoornis aanwezig zijn waardoor de zaadcellen door het immuunsysteem worden aangevallen. Een verstoorde wisselwerking tussen de zaadcellen en het cervixslijm komt meestal aan het licht bij een samenlevingstest. In het cervixslijm worden dan geen beweeglijke zaadcellen gevonden. Deze test is echter niet altijd betrouwbaar. De uitslag kan veroorzaakt zijn door een voorbijgaand probleem, bijvoorbeeld een tijdelijk verminderde spermakwaliteit
  • herhaalde miskramen (habituéle abortus). Meestal speelt hierbij een chromosoomafwijking die bij de bevruchting ontstaat een rol (hiervoor is dus niet direct een mannelijke of vrouwelijke oorzaak aan te wijzen). Het embryo in aanleg is niet goed, groeit niet verder en wordt afgestoten. Een miskraam kan ook veroorzaakt worden door een probleem met de bloedstolling, waardoor de bloedtoevoer naar de (innestelende) foetus wordt belemmerd en de foetus afsterft. Een andere oorzaak hiervoor kan een auto-immuunafwijking zijn; hierdoor worden stoffen, die voor de zwangerschap noodzakelijk zijn, of de foetus zelf door het immuunsysteem van de vrouw aangevallen en afgebroken.

4. Frequentie
Ongeveer 20% van de Nederlandse paren bezoekt op enig moment in hun leven een huisarts met de klacht geen kinderen (meer) te kunnen krijgen. Circa 15% wordt doorverwezen naar een specialist. Van degenen die een specialist bezoeken blijkt twee derde (dat wil zeggen 10% van het totaal) te voldoen aan de bovenstaande definitie voor subfertiliteit.

5. Symptomen van onvruchtbaarheid
Onvruchtbaarheid komt meestal pas aan het licht, wanneer je zwanger probeert te worden. Een verminderde kwaliteit van zaadcellen bij de man geeft in het dagelijks leven geen klachten. Vrouwen kunnen wel klachten hebben van de onderliggende oorzaak van de onvruchtbaarheid. Zo kunnen zij afwijkende menstruatiepatronen ervaren bij afwijkingen van de eisprong of hormoonhuishouding en geeft een onderliggende aandoening als endometriose pijnklachten.

6. Diagnose onvruchtbaarheid
Wanneer het na een jaar nog niet lukt om zwanger te worden, is het verstandig om eens naar je huisarts te gaan. De huisarts bespreekt eventuele nadelige leefstijlfactoren en kan een aantal onderzoekjes verrichten om de oorzaak van de vruchtbaarheidsproblemen op te sporen. Dit wordt het oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO) genoemd. De vruchtbaarheidstest voor de man bestaat uit het onderzoeken van de kwaliteit van de zaadcellen. De vruchtbaarheidstest van de vrouw begint met het bijhouden van een zogenaamde basale temperatuurcurve. Hierbij meet je elke ochtend je lichaamstemperatuur op. Je ziet dan dat je temperatuur rondom je eisprong net wat hoger ligt dan anders. Tevens kan een echo van je baarmoeder en eierstokken worden gemaakt. Eventueel kan bloed- en of urineonderzoek worden verricht, hierbij wordt ook onder andere gekeken naar eventuele de aanwezigheid.
Als de huisarts geen oorzaak kan vinden, kun je worden doorverwezen naar een gynaecoloog die is gespecialiseerd in vruchtbaarheidsproblematiek. Er kunnen dan nadere onderzoeken worden gedaan, zoals het maken van een foto van de baarmoeder en eileiders nadat er vloeistof in is gespoten (hysterosalpingogram), hormonaal onderzoek en een onderzoek naar de doorgankelijkheid van het baarmoederhalsslijm.

  • Acupunctuur zou baarmoederslijmvlies verbeteren

Mooie studie van 10 jaar onderzoek, waarbij gebleken is dat acupunctuur en moxa het baarmoederslijmvlies verbetert. Dit is positief voor vrouwen met een kinderwens of herhaalde miskramen.

  • Acupunctuur verbetert vruchtbaarheidsbehandeling en verlaagt nadelige effecten.

Acupunctuur ondersteunt vruchtbaarheidsbehandelingen
Drie onafhankelijke studies bevestigen dat acupunctuur de uitkomst van infertiliteitsbehandelingen verbeterd. Twee studies vonden dat acupunctuur effectief is bij het verhogen van de effectiviteit van de vruchtbaarheidsbehandelingen. Een studie vond dat acupunctuur effectief is in het verminderen van de bijwerkingen van de vruchtbaarheidsbehandeling. Deze studie bevestigd ook dat acupunctuur de hormonen in balans brengt. Acupunctuur kan het resultaat van IVF aanzienlijk verbeteren in vergelijking met de controlegroep. Kleine studie waaruit zou blijken dat in de groep waarbij vrouwen rondom de terugplaatsing acupunctuur ondergaan en grotere kans hebben om zwanger te raken dan in de controlegroep die geen acupunctuur hebben ondergaan.

  • Reduction of blood flow impedance in the uterine arteries of infertile women with electro-acupuncture.

Conclusie : Deze studie gerapporteerd in Human Reproduction (het officiële tijdschrift van de European Society of Human Reproduction and Embryology) toont aan dat na 8 acupunctuurbehandelingen bloedtoevoer naar de baarmoeder sterk werd verhoogd.

  • Onderzoek naar onvruchtbaarheid bij IVF uit 2008

Het recentste onderzoek, van de VU in Amsterdam en de University of Maryland, School of Medicine, combineerde de resultaten van zeven testen bij 1.366 vrouwen. Zij vonden dat bij de vrouwen die acupunctuur ondergingen 65% eerder een succesvolle embryo-overdracht heeft. Dit betekent dat voor elke 10 vrouwen die acupunctuur ontvangen, er één extra succesvolle embryo-overdracht zou zijn. Conclusions Current preliminary evidence suggests that acupuncture given with embryo transfer improves rates of pregnancy and live birth among women undergoing in vitro fertilisation.

  • IVF onderzoek bij acupunctuur

Als er naast de reguliere behandeling ook acupunctuur kan worden toegepast worden de kansen van vrouwen om zwanger te worden door een IVF-behandeling aanmerkelijk groter, aldus Duitse onderzoekers. De wetenschappers van het Christian Lauritzen Institute in Ulm gebruikten acupunctuurbehandelingen bij 160 vrouwen vlak voor en vlak na de herplaatsing van het bevruchte eitje. De helft van de in totaal 160 deelnemende vrouwen kreeg de extra behandeling, die het aantal zwangerschappen sterk deed vergroten. De groep die met acupunctuur werd behandeld kreeg 25 minuten voor het terugplaatsen de naalden in de maag- en de dikke-darm-meridiaan, alsook in de oormeridianen, om daarmee de bloedstroom te bevorderen en energie naar de baarmoeder te geleiden, terwijl tegelijk een rustgevend effect en een stabilisering van het endocriene systeem werd bereikt. De controle-groep kreeg alleen de terugplaatsing. In beide groepen waren de vrouwen gemiddeld 32 jaar oud en hadden daarvoor al 2 IVF-behandelingen ondergaan.

  • Resultaten van IVF en acupunctuur

Van de vrouwen zonder acupunctuur resulteerde de behandeling bij 21 vrouwen (26,3%) in een zwangerschap, bij de vrouwen die wel met acupunctuur behandeld werden werd 42,5% zwanger. Het onderzoek wordt gepubliceerd in Fertility and Sterility van deze maand. Waarom het aantal zwangerschappen toeneemt is onduidelijk, volgens onderzoeker Wolfgang E. Paulus zouden de gekozen prikpunten baarmoedercontracties die normaal optreden tijdens het implanteren van het embryo tegengaan, waardoor de kans op succes groter wordt.

Acupunctuur voor de terugplaatsing bij IVF/ICSI verbetert significant het resultaat (2006)
Er werden 2 groepen vrouwen vergeleken die IVF of ICSI behandeling ondergingen. Groep I kreeg acupunctuur behandeling volgens de principes van traditionele Chinese geneeskunde. Groep II kreeg acupunctuur behandeling waarbij punten waren geprikt die geen effect op zwangerschap hebben. De behandelingen vonden plaats op de dag van plaatsing van het embryo en 3 dagen daarna.
In groep I werd 33.8 % zwanger en 28.4% zijn bevallen
In groep II werd 15,8% zwanger en 13.8% zijn bevallen.

Acupuncture benefits for IVF fertility (2006)
Fertility rates during embryo transfer can be doubled with the use of acupuncture, a new study has found. The latest University of Adelaide trial contributes to a small but growing body of research that suggests acupuncture may help with improving pregnancy outcomes for people undergoing IVF treatment.

  • Mannelijke onvruchtbaarheid

Dat acupunctuur kan helpen bij vrouwen die moeilijk zwanger geraken, is al vrij bekend. Volgens een recent onderzoek kan acupunctuur echter ook helpen bij onvruchtbare mannen. Acupunctuur was in staat de spermakwaliteit te verbeteren van Duitse en Italiaanse mannen.
Veertig proefpersonen namen deel aan dit onderzoek. Alle veertig leden aan onvruchtbaarheid (idiopathische oligospermia, asthenospermia, of teratozoospermia). Achtentwintig mannen lieten zich zich gedurende vijf weken twee maal per week behandelen met acupunctuur. Na de vijf weken werden de spermastalen van alle veertig mannen na randomisatie opnieuw onderzocht en vergeleken met stalen die werden afgenomen aan het begin van het onderzoek. Het resultaat was dat in de acupunctuurgroep er significant meer gezonde spermacellen aanwezig waren na de behandeling. Het was niet zo dat specifieke types van onvruchtbaarheid beter of slechter reageerden op de therapie.
Acupunctuur lijkt dus in staat te zijn de spermakwaliteit te bevorderen, ongeacht de oorzaak van de onvruchtbaarheid.